Steun ons en help Nederland vooruit

Publicaties

Ondernemend in kunst

Een houvast voor lokale bestuurders op weg naar effectiever beleid

 

Kunst en cultuur is wat ons onderscheidt en verbindt, als individu en als groep. Aan de basis van de D66 visie staan, naast de waarde van kunst in zichzelf, drie kernwaarden van kunst en cultuur. Kunst draagt bij aan:

1) de ontplooiing van ieder individu

2) een open, democratische en pluriforme samenleving

3) actuele maatschappelijke thema’s, onze economie en werkgelegenheid.

De rol van de overheid in de kunstsector staat echter continu ter discussie. Aan de ene kant is het evident dat kunst zonder steun – in welke vorm dan ook- onvoldoende bloeit en onvoldoende toegankelijk is voor een brede doelgroep. Aan de andere kant vinden we dat kunstenaars en kunstorganisaties zelf primair de verantwoordelijkheid dragen voor een florerend kunstklimaat waarin zij als ondernemers in kunst zelfredzaam zijn. De werkgroep Cultureel Ondernemen is naar aanleiding van deze discussie gestart met een onderzoek met als doel lokale bestuurders een houvast te geven voor toekomstig beleid op het gebied van ondernemerschap in de kunstsector ten behoeve van een bloeiend kunstklimaat.

Het onderzoek is gehouden onder meer dan 50 kunstenaars en kunstorganisaties. Vier vragen stonden centraal:

  1. Hoe ervaar je cultureel ondernemerschap?
  2. Wat heb je nodig om goed te kunnen ondernemen in de culturele sector?
  3. Tegen welke problemen loop je aan?
  4. Wat kan de overheid voor jou en je collega’s doen?
  5. Wat vind je van de term ‘Cultureel Ondernemerschap’?

De uitkomsten van dit onderzoek vormen de basis van onze aanbevelingen.

Uit de analyse van de uitkomsten kwamen een vijftal thema’s naar voren:

  • Regelgeving en randvoorwaarden
  • Faciliteiten
  • Kennis en informatie
  • Subsidies en voorwaarden
  • Netwerken en samenwerken

Deze thema’s hebben invloed op de ruimte (groot of klein) om te ondernemen voor kunstenaars en kunstorganisaties. Binnen al deze thema’s kan de gemeente een bepaalde rol aannemen: facilitator, opdrachtgever en makelaar / ambassadeur.

Algemene constatering is dat met name bij zelfstandigen die door veranderingen in de subsidieverlening ineens gevraagd wordt ‘ondernemer’ te worden, angst, twijfel, onzekerheid en zelfs een zekere weerzin tegen die term bestaat. De reden hiervoor is dat de meeste kunstenaars altijd al ondernemer of ondernemend waren, alleen is hun primaire doel niet winst maken, maar kunst maken.


“Ze hebben geen baan, ze zijn hun baan.” (Karin Netten, Regisseur Kameroperahuis)


Regelgeving en randvoorwaarden

Uit de antwoorden die we kunstenaars en kunstorganisaties stelden kwam duidelijk naar voren dat een slimmere regelgeving nodig is om ondernemerschap in de kunstsector optimaal aan te jagen en te ondersteunen. Ook is er een duidelijke behoefte vanuit het veld aan lange termijn visie in plaats van ad hoc mogelijkheden zoals nu vaak het geval is. Mensen willen weten wat ze aan de overheid hebben.

Regelgeving en randvoorwaarden kan in vijf thema’s opgedeeld worden:

  1. Behoefte aan fiscale ruimte
  2. Toegankelijkheid en eerlijkheid van het huidige subsidiesysteem (hoofdstuk 3)
  3. Spanningsveld tussen huidige subsidiecultuur en cultureel ondernemen (hoofdstuk 3)
  4. Spanningsveld tussen kunstaanbod, kunsteducatie en cultureel ondernemerschap
  5. Kloof tussen overheid en het kunstenveld

 

Behoefte aan fiscale ruimte

De uitgangspositie als het gaat om fiscale maatregelen is dat deze maatregelen het ondernemerschap moeten stimuleren zodat kunstenaars zo weinig mogelijk van subsidies afhankelijk worden (privaat waar mogelijk en publiek waar nodig). Maatregelen moeten gericht zijn op het versterken van de inkomenspositie van kunstenaars en de mogelijkheden voor partijen in de kunstsector om (start) kapitaal op te bouwen en andere investeringsmogelijkheden te zoeken zodat ze weerkrachtiger kunnen ondernemen in een vrije markt.

Het gemiddelde lage inkomensniveau in de kunst- en cultuursector vraagt om meer fiscale of financiële ruimte, bijvoorbeeld mogelijkheden tot collectieve verzekeringen, een laag btw tarief, fondsen om de hoge risico’s voor bepaalde producties te dekken (bijvoorbeeld als er veel investeringen gedaan moeten worden in tijd en geld voor het realiseren van theater- en dansproducties waarvan de kaartverkoop onzeker is).

Carrière maken in de kunstsector is lastig. Er zijn weinig vaste banen en het steeds groeiende aantal zzp’ers in de sector zorgt voor concurrentie en lage tarieven. In de top is weinig plek, het middenveld heeft zware klappen gehad door de bezuinigingen van Halbe Zijlstra. Veel gemaakte uren worden niet vergoed. Dit maakt dat er behoefte is aan lange termijn perspectieven, zoals een loopbaanfonds en zzp-wetgeving die past bij de behoeften van de cultuursector. Een beeldend kunstenaar die schildert is niet hetzelfde als een huisschilder, maar wordt door de belastingdienst vaak wel zo aangemerkt. Kennis van de sector bij overheden is essentieel voor een klimaat dat ruimte biedt aan ondernemerschap in de kunstsector. Overheid, ga eens langs in een atelier en spreek met mensen, leg regelingen voor alvorens ze in te voeren.

 

Spanningsveld tussen kunstaanbod, kunsteducatie en cultureel ondernemerschap

In een kunst- en cultuursector die steeds ondernemender wordt met steeds minder subsidies is er een groeiend spanningsveld ontstaan tussen kunstaanbod, kunsteducatie en de mogelijkheden voor ondernemerschap in de culturele sector. Bezuinigingen op gemeentelijk niveau vinden vaak ad hoc en vanuit de financiële opgave plaats in plaats vanuit de inhoud. Er is vaak weinig oog voor het effect van zulke maatregelen op de toekomstbestendigheid van de kunst en cultuur sector.

Het verdwijnen en de versnippering van de lokale cultuur-infrastructuur is een bedreiging voor ondernemerschap van kunstenaars en de kwaliteit van bijvoorbeeld cultuureducatie. D66 vindt het  belangrijk dat kinderen kunst binnen en buiten scholen ervaren en maken. Alleen zo groeien zij uit tot burgers die oog hebben voor kunst en cultuur. En alleen zo groeien zij uit tot kunstconsumenten die nodig zijn voor bloeiend cultureel ondernemerschap. Lokaal en regionaal kunstaanbod voedt cultuureducatie en cultuureducatie is de humuslaag voor een bloeiend cultureel klimaat en dus voor sterk cultureel ondernemerschap.

De rijksoverheid zou richtlijnen kunnen geven voor kunstaanbod en kunsteducatie op gemeentelijk niveau om versnippering en ondoordachte ad hoc maatregelen te voorkomen. Deze richtlijnen vormen de randvoorwaarden voor een bloeiende klimaat voor cultureel ondernemerschap en dragen dus bij aan het waarborgen van een dynamisch cultureel aanbod.

 

Kloof tussen overheid en het kunst en cultuur veld

Het veld voelt zich vaak niet begrepen door de overheid. Er heerst het idee dat ambtenaren en wethouders de kunst en cultuur sector nauwelijks of niet kennen. Kunstenaars willen graag meer betrokken worden in het ontwikkelen van beleid en visie op gemeentelijke niveau. Er is een behoefte aan gemeentes die publieke ruimte geven voor kunst (podia en expositieruimte), die mogelijkheden om te netwerken organiseren (verbinding overheid, bedrijfsleven en de kunst- en cultuur sector) en die het belang van kunst en cultuur uitdragen zowel naar buiten toe als in het ontwikkelen van een lange termijn en samenhangende beleid en visie voor kunst en cultuur.

De gemeentepolitiek moet meer contact zoeken met het veld door een makelaars rol op zich te nemen en verbindingen te leggen tussen politiek, bedrijfsleven en alle plaatselijk spelers in de kunst en cultuursector. Dialoog met kunstenaars en andere stakeholders geeft de basis voor een breed gedragen en verankerd beleid en visie voor cultuur in de gemeente, en creëert daardoor meer mogelijkheden en zichtbaarheid voor alle plaatselijke kunstprofessionals.

 

Aanbevelingen:

  • Ga eens langs in een atelier of productiehuis en spreek met mensen, leg regelingen voor alvorens ze in te voeren.
  • Bied ruimte om reserves op de bouwen ten behoeve van volgende producties / exposities.
  • Zorg voor een fonds dat risico’s voor kunstenaars dekt.
  • Schaf precario en vergunningskosten voor kunstenaars af.
  • Zorg voor kwalitatief goed kunstaanbod in en buiten school.
  • Laat de waardering en het belang van kunst zien.
  • Toon lef, geef kunstenaars het vertrouwen dat hun werk bijdraagt aan die prikkelende open samenleving!

 

Faciliteiten

Faciliteiten voor beeldend kunstenaars

Een groot deel van de kunstenaars, met name beeldend kunstenaars, geeft aan dat  betaalbare werkplekken en faciliteiten vaak onbereikbaar zijn of ontbreken. Dit belemmert hen in hun cultureel ondernemerschap. Zij kunnen hun werk niet of onvoldoende doen want daar hebben zij bijvoorbeeld kostbare scanners of printers voor nodig. Zonder een goed netwerk en samenwerking lukt het hen niet om gebruik te maken van gedeelde faciliteiten.

 

Productiehuizen voor muziek en theatermakers

Binnen de theaterwereld vormen productiehuizen voor jonge makers een onmisbare plek. Hier vinden zij begeleiding, ruimte en samenwerking. Hier kunnen zij zich artistiek ontwikkelen. Kennis en vaardigheden die zij nodig hebben om te kunnen ondernemen, zoals marketing en financieel inzicht, vinden zij binnen het productiehuis.

 

Aanbevelingen:

  • Pak als overheid je verbindende en faciliterende rol. Is er een kunstacademie in de stad? Probeer met de academie afspraken te maken zodat kunstenaars gebruik kunnen maken van de faciliteiten daar. Dit kan ook in de vorm van een creatieve broedplaats.
  • Zorg in je woonbeleid voor flexibele en betaalbare woningen (wonen en werken tegelijk) zodat kunstenaars een atelier kunnen creëren.
  • Transformeer oude gebouwen op industrieterreinen tot plekken waar kunstenaars kunnen werken.
  • Zoek de verbinding met productiehuizen en biedt hen zekerheid voor de toekomst door financiële steun. Maak hierover resultaatgerichte afspraken over bijvoorbeeld het aantal producties, zichtbaarheid en verbinding met inwoners en talentontwikkeling.

 

Kennis en informatie

Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat er in de culturele sector veel behoefte bestaat aan informatie, en er een bereidheid bestaat om kennis te vergaren, over te dragen en te delen. Kunstenaars beschikken vaak niet over kennis en vaardigheden die nodig zijn om te ondernemen zoals een subsidieverstrekker bedoelt, ook zijn ze vaak niet bekend met bestaande programma’s, regelingen en cursussen om dat ondernemerschap te ontwikkelen. Vaak is het echter zo dat dergelijke voorzieningen niet beschikbaar zijn. De verschillen in aanpak en aanbod zijn per gemeente erg verschillend, en aan trends en conjunctuur onderhevig.


Maak gebruik van leegstaande panden

Het Koninklijk Conservatorium in Den Haag had onder leiding van een enthousiaste lerares een leegstaand appartement in een woonwijk bevolkt met enkele studenten. Tegelijk was er in een lokaal winkelcentrum (Leyweg) met een leegstandsprobleem een leeg winkelpand waar de studenten gratis gebruik van mochten maken voor kleine uitvoeringen en producties.

Ze woonden en leefden tussen iedereen in en waren, bijvoorbeeld via de winkel, te boeken voor kleine concerten en optredens. Wat te denken van een serenade onder je eigen balkon? Kortom: Een impuls voor het gebied, een plek voor het conservatorium, nieuwe ideeën en muzikale producties en genieten voor een (vaak nieuw) publiek.

Hetzelfde winkelcentrum bood ook een leeg pand ter beschikking aan Theater Dakota aan toen zij met een huisvestingsprobleem kampte tijden de bouw van hun nieuwe theatergebouw. Toen het  nieuwe theater open ging kende de helft van Escamp de intenties van nieuwe theater al!


Om de vraag naar kennis en informatie te beantwoorden zullen overheden ervoor moeten zorgen dat mensen de kans krijgen de benodigde vaardigheden te ontwikkelen. Om cultureel ondernemerschap echt te laten slagen, en mensen vanuit eigen kracht te laten opereren, zijn voorzieningen op het gebied van kennis en informatie nodig zoals een kunstenaarsinformatiepunt, een duidelijke plek waar regelingen, werkruimtes, ateliers, podia en expositieruimtes te vinden zijn of een platform waar kunst en bedrijfsleven samenkomen. Onderwerpen die aan de orde komen zijn: juridische en fiscale zaken, facturatie, verzekeringen, belastingaangifte, pensioenopbouw, netwerken en representatie, marketing en promotie, acquisitie, sales en klantenbinding en het zichtbaar en meetbaar maken van resultaten.

 

Aanbevelingen

  • Zorg dat informatie voor ondernemers in de kunstsector goed te vinden is.
  • Faciliteer netwerken en zorg voor verbinding tussen kunstenveld en bedrijfsleven.

 


 „Ik begrijp dat subsidie verantwoording vraagt. Maar nu ik aan de andere kant van de lijn sta zie ik de afstand tussen subsidiegever en werkelijkheid. De pakken papier die gevraagd worden, de eisen die worden gesteld: realiseren subsidiegevers zich wel dat hier geen beleidsafdeling zit? En uiteindelijk wordt een organisatie dan niet zozeer op inhoud, maar vooral op woorden afgerekend. (Gabriella Bekman, voorzitter raad van toezicht Korzo)


 

Subsidies en voorwaarden

Uit het onderzoek kwam naar voren dat veel kunstenaars en kunstorganisaties vinden datbestaande regelingen het ondernemerschap eerder tegenwerken dan dat de regelingen helpen. De toegankelijkheid en eerlijkheid wordt veel genoemd, net als het spanningsveld tussen de regelingen en het ondernemen.

 

Toegankelijkheid en eerlijkheid van huidige subsidiesysteem

Het huidige subsidiesysteem moet aangepast worden zodat het cultureel ondernemen beloont wordt en niet bestraft, geven veel respondenten aan. Met andere woorden: subsidies moeten een gezond marktwerking faciliteren en de markt niet verstoren. Kunstenaars en organisaties zijn op zoek naar mogelijkheden voor publiek-privaat samenwerking. Oog voor zzp’ers, kleine bedrijven en instellingen is nodig.

Het subsidiesysteem is beperkt toegankelijk voor veel zzp’ers in de huidige culturele sector omdat individuele aanvragen door natuurlijke personen niet mogelijk zijn (systeem is vaak gericht op stichtingen en instellingen). Er is dus geen sprake van een level playing field met betrekking tot subsidiemogelijkheden. Aanvraagprocedures worden ervaren als omslachtig en tijdrovend. Er is behoefte aan het snel en efficiënt beoordelen van aanvragen in een transparant systeem waarin de beoordelaars kennis van het werkveld hebben en een onafhankelijke positie.

Het service niveau bij subsidieverleners zou ook beter moeten blijkt uit het onderzoek. Vaak wordt er om concrete resultaten gevraagd en als uitkomsten onzeker of niet duidelijk zijn, worden aanvragen afgekeurd. Dat is jammer en remt een bloeiend kunstklimaat, vaak is het maakproces, zeker als het om experimentele kunst gaat, minstens zo waardevol als de uiteindelijke uitkomst.

 

Spanningsveld tussen huidige subsidiesysteem en cultureel ondernemen

Het huidige subsidiesysteem past niet bij het huidige beleidsklimaat waarin cultureel ondernemen steeds meer verwacht en aangemoedigd wordt. Nu worden subsidieontvangers vaak gekort op subsidie of kunnen geen subsidie meer aanvragen als zij reserves opbouwen of winst maken, terwijl kapitaal generen een vereiste is voor het ondernemen. Dit werkt de groei van cultureel ondernemende individuen, bedrijven en instellingen tegen. Subsidies moeten gericht worden aan activiteiten die níet vanuit de markt betaald kunnen worden maar wel, bijvoorbeeld met het oog op talentontwikkeling en vernieuwing, van groot belang zijn.

 

Aanbevelingen

  • Zorg er voor dat ook natuurlijke personen een beroep kunnen doen op regelingen.
  • Zorg ervoor dat reserves ten behoeve van de kunst opgebouwd kunnen worden.

 

Netwerken en samenwerken

Kunstenaars, ondernemers en overheden weten elkaar soms moeilijk te vinden. Dit is een gemiste kans voor versterking van cultureel ondernemerschap. Hoe kunnen zij elkaar wel vinden en versterken en wat is het nut ervan? En wat is de rol van de overheid daarbij?

De rol van de overheid is onder te verdelen in een drietal functies:

  1. Makelaar/verbinder (organiseer netwerkevents & platformen)
  2. Ambassadeur (wees promotor van de kunstenaars in jouw gemeente)
  3. Promotor

 

Makelaar/verbinder

De overheid als makelaar / verbinder initieert en faciliteert netwerkmomenten waarbij lokale ondernemers, kunstenaars en bestuurders met elkaar in contact komen. Kan een ondernemer voor ‘out of the box’ oplossingen een lokale kunstenaar inzetten of zelfs via een mecenaat ‘adopteren’?

Overheden kunnen ook de verbindende rol op zich nemen. Werk samen met kunstenaars en laat samen met hen lokale ondernemers de jaarlijkse kunstprijs sponsoren, jureren bij kunst prijsvragen of wanneer een kunstwerk in de openbare ruimte gewenst is, zet dan lokale ondernemers in de selectiecommissie.

Een andere manier om voor netwerk en verbinding te zorgen is een database te maken met lokale kunstenaars en kennissessies te organiseren. Hier is budget voor nodig.

 

Ambassadeur

Het is belangrijk dat overheden uitdragen dat zij trots zijn op de kunstenaars in hun gemeenschap en hun verbindende functie daarbinnen. Neem kunstenaars bijvoorbeeld mee op werkbezoeken, of zie hun werk als geschenk, zoals staatshoofden de beste symfonieorkesten uit hun land meenemen naar handelsmissies of staatsbezoeken. Zorg er ook voor dat lokale kunstenaars goed zichtbaar zijn in de openbare ruimte, dus voor een breed publiek.

 

Promotor

De overheid kan ook een promotor zijn. Zo laat je zien dat je kunst en cultuur waardevol vindt en trots bent op de kunstenaars in jouw gemeente. Dit draagt bij aan succesvol cultureel ondernemerschap. Dit betekent dat de gemeente werkt aan een brede maatschappelijke waardering van kunstenaars binnen de gemeenschap en dit actief uitdragen doormiddel van voorbeelden in speeches (van wethouders bijvoorbeeld) en presentaties.

 


Verbind bedrijfsleven met kunstorganisaties
Theater Dakota had behoefte aan financiële en juridische kennis en advies over HR-management. Zelf hadden ze deze kennis niet voldoende in huis en ook geen middelen om dit in te huren. De directeur benaderde een aantal bedrijven en sprak een regeling met hen af: het bedrijf leverde 4x per jaar gevraagde expertise en het theater gaf daarvoor in plaats 1 of 2x per jaar kaarten weg aan het bedrijf. Een mooie – zichtbare, want dus voor de reputatie van het bedrijf goed – verbinding waar beide voordeel van hebben.


 

Ook kunnen gemeenten lokale kunst als ‘exportproduct’ provinciaal en nationaal gebruiken en kunstenaars inzetten als promotiemiddel van de gemeente. Creëer als gemeente bijvoorbeeld een ‘artist in residence’. Of selecteer jaarlijks een kunstenaar die de gemeente een jaar lang faciliteert wat betreft ruimte, financiële steun en promotie. Als wederdienst levert de kunstenaar kunstobjecten als ‘small talk’ tijdens recepties, congressen en voor in de hal van gemeentelijke instellingen. Zorg ervoor dat de ‘artist in residence’ nergens bij ontbreekt. Zoals een dichter des vaderlands.

 

Aanbevelingen

  • Laat zien dat je trots bent op de kunstenaars in jouw gemeente en brengt dit in praktijk.
  • Zorg voor zichtbaarheid van kunstenaars.
  • Verbindt bedrijfsleven en kunstenveld.
  • Zet kunstenaars in bij maatschappelijke opgaven zoals het verbeteren van de leefbaarheid in een wijk.

 

Reflectie en conclusies

Veel kunstenaars en kunstorganisaties zijn ondernemend. Niet zo zeer met het oog op winst, promotie of aandeelhouderswaarde, maar met als doel creatieve of culturele waarde. Dat wat zij maken is waardevol voor de samenleving. Een krachtige en creatieve kunst- en cultuursector draagt bij aan een open en verbonden gemeenschap. Lokaal investeren in cultuur levert op allerlei manieren meer op dan het kost.

 


Isala en Kameroperahuis werken samen
Een mooi voorbeeld van hoe organisaties samen kunnen werken met kunstenaars is de opening en fusie van het nieuwe ziekenhuis in Zwolle, in de aanwezigheid van koningin Máxima. Isala vroeg het Kameroperahuis de opening van het nieuwe gebouw aan te grijpen om het personeel meer te betrekken bij de nieuwe fusieorganisatie.
De tekstschrijver en de componist van Kameroperahuis schreven speciaal voor de opening een lied over het ziekenhuis. Maar liefst tweehonderd personeelsleden meldden zich aan om te zingen. Kameroperahuis verzorgde de zangcoaching en regie. Als gevolg van het project ontstond een enorme verbondenheid onder het personeel. Mensen van verschillende afdelingen raakten met elkaar in gesprek en wisselden werkwijzen uit.


 

Zelfredzaamheid, onafhankelijkheid, geloof in de kracht van mensen zelf is binnen het sociaal liberale gedachtegoed van D66 een belangrijk fundament. Als we dit tegen de kunstensector aanhouden, zien we dat veel individuele kunstenaars ontzettend krachtig zijn. Zij werken, ondanks laag inkomen, vaak onder de armoedegrens, met hart en ziel aan hun kunst. Ook kunstorganisaties werken keihard om hun bestaan voort te zetten en vele individuele kunstenaars een werkplek te bieden. Regelingen en eisen van de overheid beloven veel (financiële middelen om mooie producties te maken), maar werken het ondernemerschap in de praktijk vaak tegen. Allerlei onmogelijke of tijdrovende eisen worden gesteld. Er liggen ontzettend veel mogelijkheden voor overheden om het ondernemerschap wel te versterken. De eerste stap daar naar toe is het kennen (het echt kennen) van de kunstenaars en de kunstorganisaties in jouw gemeente.

Samen werken aan een bloeiend en ondernemend kunstklimaat met de aanbevelingen die wij per hoofdstuk doen als steun in je broekzak!

 

Dave Thomas, Sonja Paauw, Sven Ruggenberg, Sebastiaan Lagendaal, Marjolein de Jong en Leon de Lange

20170708 Rapport Cultureel Ondernemen

Gepubliceerd op 10-07-2017 - Laatst gewijzigd op 10-07-2017